Bovenbouw

“De wetenschappers”

Algemeen

In de bovenbouw zitten kinderen uit groep 6, 7 en 8 samen in één klas. Maria Montessori noemde de kinderen in deze groepen ‘de wetenschappers’. Kinderen leren hun eigen mening te vormen, onderzoek te doen en steeds meer eigenaar te worden van hun eigen leerproces.

In de bovenbouw wordt van kinderen verwacht dat zij niet alleen zelfstandig verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen ontwikkeling, maar ook een groeiend bewustzijn ontwikkelen van hun mogelijkheden om te leren. Aan de hand van leerdoelen werken zij aan hun cognitieve ontwikkeling. Ieder kind heeft een eigen planning waarmee dagelijks wordt gewerkt. Hierdoor kunnen kinderen op hun eigen niveau en in hun eigen tempo leren.

De leerkracht volgt, begeleidt en stimuleert de ontwikkeling van de kinderen binnen hun zone van naaste ontwikkeling. Dit krijgt vorm door middel van rondgangen, waarbij individuele instructie wordt gegeven, en door groepsinstructies. Het observeren van kinderen en hun ontwikkeling is daarbij een belangrijk instrument om het onderwijs af te stemmen op de behoeften van ieder kind. Op deze manier krijgt ieder kind de kans om zijn of haar eigen potentieel optimaal te ontwikkelen.

Van kinderen in de bovenbouw wordt bovendien steeds meer verwacht dat zij verantwoordelijkheid nemen, zowel op het gebied van zelfstandig werken als binnen de sociale omgang met elkaar. Samen dragen we zorg voor een harmonieuze groepssfeer, waarin ieder kind zichzelf kan en mag zijn. In deze fase ontwikkelen kinderen zich steeds meer tot zelfstandige individuen. Daarom bieden wij een veilige en stimulerende omgeving waarin zij zich kunnen ontplooien, verantwoordelijkheid leren dragen en zich optimaal kunnen voorbereiden op de volgende stap in hun ontwikkeling.

Vakgebieden

Samen met de Montessori materialen vormt de methode ‘Alles telt Q’ de basis voor het vormgeven van het rekenonderwijs. Naarmate kinderen meer rekenonderwijs hebben genoten, gaan zij over naar het rekenen op een abstract niveau. Voor nieuwe bewerkingen, als bijvoorbeeld het rekenen met breuken, maken de breukenkegels van Maria Montessori samen met de breukendoos abstracte bewerkingen, zoals een breuk delen door een breuk, inzichtelijk.

Aan de hand van de materialen en leerdoelen in de TaalDoenkast wordt de Nederlandse taal aangeboden. Dit gebeurt door middel van een grote diversiteit aan opdrachten en activiteiten. Spelling, werkwoordspelling, zinsontleding en woordbenoemen worden met behulp van deze kast met veelal coöperatieve werkvormen aangeboden en ingeoefend.

Naast het rekenen- en taalaanbod krijgen de kinderen wekelijks Engelse les, creatieve en expressieve les, gymnastiek, Nieuwsbegrip (begrijpend lezen) en Kosmisch Onderwijs en Opvoeding (KOO). De lessen van KOO worden thematisch aangeboden en bevatten vakken rondom wereldburgerschap, geschiedenis, natuuronderwijs en aardrijkskunde. De groepslessen worden binnen een klas gegeven, maar soms ook klas doorbrekend. Zo leren de kinderen in een bouw elkaar kennen en waarderen.

Personele bezetting

  • Groep 6/7/8 G: Britt (ma en vrij) en Maaike (di t/m do)
  • Groep 6/7/8 H: Esther (ma, woe, do en vr) en Britt (di)
  • Groep 6/7/8 I: Donna (ma t/m vr)